De oude eikenboom
Gepubliceerd 24 oktober 2018 / Door Ans Hoornweg
In een klein
dorpje, ergens in Nederland, stond een eeuwenoude eik. In den beginne
woonden er nog maar een paar mensen in dat dorpje, maar in de loop der tijden
werden er steeds meer huisjes bijgebouwd en bewoond. Op een gegeven moment
werd er een plein rondom de eeuwenoude eik aangelegd met een zitbankje onder
deze prachtige boom.
Deze
eikenboom nam alles wat er om hem heen gebeurde in zich op. Daarbij voelde
hij niet alleen wie er langs hem liepen, maar registreerde hij ook ál hun
gevoelens en emoties, van geluk tot verdriet. En wanneer er mensen op het
bankje zaten kon hij al hun gesprekken, verhalen en intriges horen, zodoende
wist hij alles wat er zich in het dorp en de omgeving afspeelde.
Op een
gegeven moment kwam er een ‘vreemdeling’ in het dorpje wonen. Deze man,
hij was schrijver, ging altijd op het bankje onder de oude eik zitten, en het
eerste wat hij dan deed was de prachtige, oude boom begroeten. De eik
voelde zich vereerd hierdoor, dat was hem in al die eeuwen nog niet gebeurd, de
dorpelingen hadden hem al die tijd min of meer genegeerd.
Deze
schrijver merkte dat hij heel veel inspiratie kreeg als hij op het bankje bij
de oude eikenboom zat, daar kon hij achter elkaar door blijven
schrijven. Het ene verhaal na het andere rolde daar uit z’n pen, en het
waren allemaal verhalen die zich afspeelden in dat dorp en haar
omstreken. De schrijver vroeg zich verwonderd af waar al die
verhalen toch vandaan kwamen?
De
dorpsbewoners die z’n boeken hadden gelezen vroegen de schrijver – die toch een
buitenstaander was – hoe hij aan al die streekverhalen kwam, want daarin
vertelde hij allerlei feiten en/of gebeurtenissen die alléén de ingewijden van
hun dorp wisten?!
Lachend
antwoordde de schrijver: ‘Ik denk dat de oude dorpseik mij dat allemaal
influistert. Die prachtige boom vertelde me ook dat hij zich genegeerd
voelt door de mensen. Daarom wil ik jullie vragen om hem, net als ik, te
begroeten wanneer je hem ziet of langs hem loopt.’
De
dorpelingen moesten lachen om wat de schrijver hen zojuist vertelde; een boom
die kan praten, dat hadden ze nog nooit gehoord, en een boom groeten vonden ze
ook erg ongebruikelijk. Maar het verzoek bleek toch niet aan dovemansoren
verteld, want de ene na de andere dorpeling begon de prachtige, oude eikenboom
op hun dorpsplein te groeten in het voorbijgaan.
De boeken
met streekromans werden goed verkocht, en omdat de schrijver zich zo thuis
voelde in het dorpje wilde hij veel van z’n verdiende geld investeren in het
welzijn van z’n dorpsgenoten. Zo liet hij o.a. een gebouw neerzetten waar
een ieder welkom was. Dat werd al gauw een gezellige ontmoetingsplek waar de
dorpelingen hun oude ruzies en vete’s bijlegden waardoor ze weer nader tot
elkaar kwamen. Het dorpje kwam zienderogen weer tot leven en de bewoners
kregen meer plezier met elkaar en werden gelukkiger.
Na vele
jaren van onvrede heerste er eindelijk weer harmonie in dit dorp met die
prachtige, eeuwenoude eik.
Weet dat
bomen ons niet alleen zuurstof geven, maar – zoals blijkt in dit verhaal – nog
zoveel meer, dus zeg nooit dat een boom maar een boom is. Ik wil jullie,
net als de schrijver in dit verhaal, vragen om wanneer je een oude boom ziet,
hem te groeten en hem met heel je hart te danken voor alles wat hij ons
belangeloos geeft.
Veel liefs,
Ans