Zodra je jezelf aan de kant van de meerderheid ziet staan, wordt het de hoogste tijd om een pauze in te lassen en hierover na te gaan denken. De kans is namelijk zeer klein dat je daar de waarheid zult vinden.”

Mahatma Ghandi.


vrijdag 10 november 2017

Behulpzame fietser / Gepubliceerd 6 november 2017 | Door Ans Hoornweg

Behulpzame fietser
Gepubliceerd 6 november 2017 | Door Ans Hoornweg

Behulpzame fietser
 Een man reed op zijn fiets naar huis. Het begon al donker te worden en het was guur weer. Deze man wist niet of hij de volgende week nog wel een dak boven z’n hoofd zou hebben. Hij had nl. een grote financiële schuld, en als hij die niet binnen een week kon betalen dan zou hij z’n huis worden uitgezet, en ook z’n inboedel zou dan per opbod worden verkocht.

De fietser zag een jonge man – die niet bepaald warm gekleed was – langs de kant van de weg staan. Deze jongeman hield de fietser staande en vroeg of hij met hem mee mocht rijden omdat hij naar een vriend wou die ernstig ziek was, maar dat hij zelf geen vervoer had. De man zag dat de jongen maar een dun overhemd aan had, daarom liet hij hem in de fietstas kijken, want daar moest nog een regenjas in zitten. ‘Pak die maar en trek hem aan, want anders word jij met dit gure weer ook nog ziek.’

Hij vroeg de jongen waar hij moest zijn, waarop die aangaf dat hij naar de Zeven Bomenweg moest. Dat was een flink stuk omrijden voor de man, maar dat vond hij niet erg. ‘Ik breng je wel hoor’ was zijn vriendelijke reactie, ‘spring maar achterop.’


Toen ze bij het huis van de zieke vriend waren aangekomen zei hij dat de jongeman de regenjas mocht houden, waarna hij nog een paar vissen – verpakt in een krant – uit z’n fietstas haalde (die had hij bij de visboer ‘verdient’ door hem te helpen). ‘Eten jij en je vriend daar maar goed van, opdat je vriend weer snel beter mag worden.’

De jongeman bedankte de goede man voor alles, waarna deze weer verder fietste naar z’n eigen huis. Daar deed hij de verwarming aan en ging hij op z’n gemak de overgebleven vis bakken. De man voelde zich tevreden, want hij had die avond iemand kunnen helpen.

Niet veel later brak de dag aan dat de man, vanwege z’n schulden, z’n huis moest verlaten. Hij had geen flauw idee waar hij naartoe kon gaan, want hij had geen familie of vrienden waar hij bij in kon wonen. Maar toen viel er een brief van de woninginstantie door de brievenbus?! In die brief vroegen ze duizendmaal excuses, want ….’ze hadden een fout gemaakt bij de berekening’. Z’n schulden waren per direct kwijtgescholden, en hij mocht dus toch in z’n huis blijven wonen. De man was natuurlijk intens gelukkig met dit goede nieuws, maar hij heeft nooit begrepen hoe dit zo heeft kunnen gebeuren.

Mijn moeder zei altijd: ‘Help de andere mens; geef hem te eten en te drinken, want het kan zo maar zijn dat je een Engel helpt of herbergt.’  Ja, soms worden wij als mens – net als deze fietser – op de proef gesteld of geholpen door een Engel.

Veel liefs, Ans