Gods liefde - wat jullie altijd al hebben geweten, dat diep binnenin jullie zelf is - omhult alle levende wezens in Zijn goddelijke omhelzing. Nu zijn jullie op het punt om de realiteit te ervaren van dat meest verfijnde gevoel dat jullie erfenis, jullie goddelijke voorrecht en jullie geboorterecht is. Het is liefdevol voor jullie bereid en in een toestand van absolute perfectie in de zekere wetenschap dat jullie zouden terugkeren om het op te eisen, en dat het klaar zou zijn voor jullie op het afgesproken moment.

SAUL

zondag 9 juli 2017

Heavenletter 1834: De Verzoening / Geplaatst 9 juli 2017

Heavenletter 1834:
De Verzoening
Brief uit de Hemel
Geplaatst 9 juli 2017


God zei:

Hoe groot lijkt het verschil tussen het leven zoals je het zou willen zien en het leven dat je ziet. En dit verschil is de afstand welke je elke dag in het leven gaat, als zou je naar het werk gaan, de uitwisselbaarheid, heen en terug van de details van het leven naar de uitbreiding van het leven. Je reist elke dag, heen en terug, dravend door het universum, als het ware. Je huppelt van het eentonige naar het opgetogen zijn, van het gewone naar het buitengewone, van het in bezit nemen naar het loslaten. Je slingert van de eindigheid naar de Oneindigheid, zoals een handtasje heen en weer slingert als je loopt.

Soms voel je je aan de grond genageld. Soms voel je je verstikt met details en gebroken handvatten. En toch, ondanks dat, schijnt de zon, planeten draaien en jij ziet en glimp van de Hemel door de wolken. Op die momenten weet je, ook al is het maar een milliseconde, dat het dat allemaal waard is. Voor die ene glimp, is het dat waard. Je wilt die glimp voor niets ruilen, nee, niet voor al het goud in de Wereld.


Het is moeilijk te begrijpen wat te doen met deze tweedeling tussen het gewone leven en de Uitgestrektheid. Soms ben je verbaasd dat je misschien op de twee kanten van de maan woont, omdat je transformeert van licht naar donker en andersom zonder een pauze ertussen. Of misschien vraag je je af of jij niet de maan bent, doormidden gesneden of zelfs een strookje ervan en dan, zo nu en dan, weer in elkaar gezet wordt.

Of misschien voel je je van het eerste kwartier uitgroeiend naar volle maan zodat je alleen licht zal zijn en toch, ook al ben je de volle maan, je hopeloos in de volgende cyclus beland.

Het verstand kan dit verschil niet aan. Het gaat het verstand te boven hoe je het ene moment zo warm bent en het volgende moment zo koud, hoe je het ene moment gevuld kan zijn met de niet uit te drukken zaligheid van God en het volgende moment overspoeld wordt met gebroken stemmen of grijze vlekken op je kleding. Je voelt je constant afgeloten van de kalmte. Zelf als je alleen bent voel je je afgesloten. Jouw gedachten vallen je lastig. Je sluit jezelf af.

Je wilt de bergtop bereiken en daar voor altijd blijven. Waarom word je afgeleid, vraag je jezelf steeds weer af. Je bent op het hoogste punt en waarom kun je daar niet voor altijd blijven, voor eens en voor altijd? Toch, volhardend, loop je op een bergpad en plotseling ben je op een ander. Je bent aan het omhoog gaan en dan vind je jezelf gevallen in het dal. Maar het dal heeft ook bloemen die je plukt en in je revers steekt. Het dal, ondanks zijn gecompliceerdheid, heeft zijn eigen moois. En dus pluk je bloemen en je raapt jezelf bij elkaar en begint weer te klimmen.

Je herinnert je de klim. Je komt eerder dan voorheen bij de top. Je blijft langer. En als je weer van de berg afdaalt, draag je een grotere herinnering van de genoegens. Je bent iemand die een edelweis plukt. Het is nog steeds in je hand. Het is voor altijd in je hart gesloten. Voor één moment heb je op de Berg van de Hemel gestaan.

De dag zal komen dat er geen dal meer is. Er zal alleen een bergtop zijn. Je zult boven de wolken uitgestegen zijn om niet meer terug te keren naar het dal, er is geen dal meer om naar terug te gaan. De morgen zal komen dat je in jezelf wakker wordt en je zelfs niet op een bergtop bent. Je bent boven de bergen. Je zult buiten tijd en ruimte gegaan zijn. Je bent dáár binnengegaan waar geen boven en beneden is. Je zult jezelf in een sfeer ontmoeten, waarvan je voorheen alleen een glimp, een flits van licht, hebt opgevangen, en nu ontdek je dat jij die glimp van licht bent en dat dat onomkeerbaar is.

De donkere kant van de maan bestaat niet langer. Er is helemaal geen kant. Alles is Eenheid, waar er geen kanten, geen hoeken, geen versperringen en geen dwalingen zijn. Jij bent het wit van de maan in de luchten van de Hemel. Het doet er niet toe wat je voeten raken, want wat maakt het uit als je verheerlijkt wordt in een paleis genaamd Hemel? Wat maakt het uit hoe lang het duurde voor je er was als je er blijft? Wat kan jou het allemaal schelen als deze heldere zon in je gezicht schijnt?

vertaald door: