Zodra je jezelf aan de kant van de meerderheid ziet staan, wordt het de hoogste tijd om een pauze in te lassen en hierover na te gaan denken. De kans is namelijk zeer klein dat je daar de waarheid zult vinden.”

Mahatma Ghandi.


maandag 16 mei 2016

Ode aan de Vrouw / door Geert Kimpen. /15/05/2016

Ode aan de Vrouw
door Geert Kimpen.
15/05/2016

Waarom lukt het ons mannen zo vaak niet aan een vrouw te geven wat ze van ons wilt?

Waarom maken wij mannen vrouwen ongelukkig zodat ze van ons weg willen, zich bij ons gevangen voelen, bij ons hun kracht verliezen?

Waarom verliezen vrouwen zichzelf bij ons, en zijn wij niet in staat om hen terug naar zichzelf te gidsen?

Waarom worden wij mannen daar radeloos van, staan we soms onmachtig tegen hen te schreeuwen, of worden dodelijk stil, murw geslagen omdat we het in hun ogen weer niet goed hebben gedaan, weer het verkeerde hebben gezegd, en we alleen nog maar kunnen zwijgen?

Waarom maken wij op den duur de kenau, de feeks en de heks in een vrouw wakker, in plaats van de godin, de wellustige, de prinses waar we op verliefd werden?

Waarom hebben we na duizenden jaren ervaring nog steeds geen handleiding om met vrouwen om te gaan, ze niet te kwetsen, en ze te begrijpen?

Misschien is het omdat wij, zolang deze dans duurt, moeten concurreren met hun vaders. Zelfs als deze in de levens van onze vrouwen afwezig waren, verschrikkelijk waren, of onbekwaam. Dan concurreren we met het ideaalbeeld van een vader dat ze in ons hopen terug te vinden.

De vader die altijd voor hen klaar staat, de vader die wijze raad geeft, de vader die beschermt, de vader die ze aanspoort om hun eigen weg te vinden, de vader die alleen maar boos op hen is omdat hij haar wil gidsen, de vader die onvoorwaardelijk van hen houdt ook al doet ze vervelend, dreinerig, scheldt ze, en daagt ze hem uit. De vader die nooit zijn deur voor haar sluit, en dus ook nooit zijn hart. De vader die haar de mooiste van de wereld vindt zelfs al weet ze dat dit niet waar is. De vader op wie ze verliefd kan zijn zonder dat hij daar misbruik van maakt. De vader die ze provoceert omdat ze weet dat hij onwankelbaar is. De vader die weet wanneer hij voor haar moet zorgen, maar ook weet wanneer ze voor zichzelf moet zorgen. De vader die haar de wereld laat in gaan, omdat hij weet dat ze ook altijd weer naar huis zal komen. De vader die gelukkig is als zij gelukkig is, als zij goede vrienden en vriendinnen heeft, als zij zich amuseert, als zij door het leven danst. De vader die luistert wanneer zij verdrietig is en weet dat zij niet wilt dat hij het oplost maar dat ze gewoon haar verhaal kwijt kan. De vader die haar haar vrouwengeheimen gunt en haar daar niet voor wantrouwt. De vader die een ankerpunt is waaraan zij haar eigen waarden kan toetsen, aan wiens onwankelbaarheid zij haar identiteit kan afmeten en ontwikkelen. De vader die niet teleurgesteld is wanneer zij keuzes maakt die niet de zijne zijn. De vader die zonder terughoudendheid haar vertrouwt en haar alleen maar wil zien stralen, en haar die ene man gunt waarvan hij weet dat die voortaan het middelpunt van haar leven zal zijn. De vader die die man in zijn hart sluit omdat hij hem dankbaar is dat hij zijn meisje gelukkig maakt.

Het is voor ons mannen heel moeilijk om die vader te willen zijn. En het is bijna onmogelijk om die man voor onze vrouw te zijn.

Heel eenvoudig omdat wij soms denken dat zij ook het ideaalbeeld moet invullen van onze moeder. En wij ons verliezen in haar niet afhoudende stroom van affectie, zorg, liefde, koestering, geloof en tederheid.

En vanzelfsprekend willen wij ook niet werkelijk dat onze vrouw onze surrogaat moeder wordt. En onze vrouw wil ook ten diepste niet dat wij haar surrogaat vader zijn.

Wij willen een vrouw beminnen, en zij een man.

Wij geven vrouwen hun onafhankelijke kracht terug wanneer wij haar de vrijheid gunnen haarzelf in alle facetten te ontdekken. Wij geven haar adem terug wanneer wij haar niet willen bezitten behalve dan in het minnespel. Wij geven haar zelfvertrouwen terug wanneer wij net zo gepassioneerd ons over haar blijven verwonderen als toen we net verliefd waren, en niet onverschillig worden. Wij bevestigen haar in haar vrouw zijn wanneer wij nooit voor lief nemen dat zij voor ons zorgt, onze beste vriendin is, bereid is het leven met ons te delen, en ons liefheeft. Maar bovenal behouden we altijd de vrouw waarop we verliefd werden, wanneer we haar los durven te laten, en we haar niet het loodzware schuldgevoel geven dat we zullen sterven wanneer ze ons verlaat. Zodat ze wanneer ze bij ons is, er is omdat ze bij ons wilt zijn. En dat het niet erg is dat ze soms niet bij ons wilt zijn. Omdat ze ruimte nodig heeft, zoals wij zelf ruimte nodig hebben. En dat zelfs als er een dag komt dat ze nooit meer bij ons wilt zijn, we toch alleen de dankbaarheid behouden omwille van alle inspiratie die we van haar kregen, en ons bracht naar het punt waar we dan zijn in ons leven.

Een vrouw die lief heeft, is een curieus wezen. Wanneer ze eenmaal haar hart weg geeft, doet ze dit totaal en zonder reserves. Het lijkt in haar aard te liggen te koesteren wat weerloos is. Het is niet een beetje, of een halfvol glas. Het is een rivier die buiten haar oevers treedt, een wolkbreuk die de straten blank zet, een bosbrand die niet te blussen is. Het is een natuurfenomeen.

Gij, mannen, die zomaar op een dag zo'n hart ontvangt, ga er behoedzaam mee om. Weet dat ge een kostbaar geschenk hebt gekregen, dat u groot, en sterk en moedig kan maken. Een man maakt het van u.

En als ge het geschenk niet op waarde kunt schatten, geef het dan terug. Ontvang niet wat ge niet verdient.

Een vrouw die lief heeft, heeft een weerloos hart. Vertrap het niet. Ook al werd uw eigen hart ooit vertrapt.

Een gegeven hart is een ernstig ding. Het is de graal waar ge naar zocht in uw donkere nachten dat ge huilde naar de maan. Het is het antwoord op het lied dat ge zong toen niemand u hoorde. Het is de weke bodem van uw dronkenschap of grove mond. Het is de goudschat waar ge naar streefde, vermomd in een bloedend, kloppend ding. De dag dat ge het tot u neemt, zal alles gaan blinken wat dof was. Het zal de reden worden van de dingen waarvoor ge vecht. Het zal u krachtig en onsterfelijk maken.

En de vrouw die u lief heeft, geeft het u zomaar, omdat ge bent wie ge bent. En het zal u tot de man maken, die ge al altijd wilde zijn...

© Geert Kimpen