Zodra je jezelf aan de kant van de meerderheid ziet staan, wordt het de hoogste tijd om een pauze in te lassen en hierover na te gaan denken. De kans is namelijk zeer klein dat je daar de waarheid zult vinden.”

Mahatma Ghandi.


maandag 10 augustus 2015

Heavenletter 5373 Nederig Dienen / Maandag 10 Augustus 2015

Nederig Dienen
Brief uit de Hemel
Maandag 10 Augustus 2015


God zei:

Je merkt misschien op bepaalde ogenblikken dat je graag over jezelf denkt als Redder. Kijk uit, geliefden. Ik zeg je niet dat je egoïstisch moet zijn, maar Ik kijk je recht in de ogen en zeg:
In wat voor vorm ben je dat je gelooft dat je geschikt bent om anderen te redden? Heb mededogen met een wereld die je denkt te gaan redden! Lach een beetje ten koste van jezelf, zoals de wereld zou kunnen zeggen.

Misschien denk je erover een boek te schrijven met een boodschap waarvan je zeker bent dat die de mensheid zal redden. Je veronderstelt misschien anderen te leren hoe ze hun leven moeten leven terwijl jij je leven in een storm leeft. Hoe veronderstel je in de hoogste noden van anderen te voorzien terwijl jij, jijzelf, niet genoeg in de palm van je hand houdt om een dag vreedzaam door te komen? Heb dromen, ja. Maak jezelf niet de ster van andermans dromen.

Wees voorzichtig met door een proces in beslag te worden genomen. Word door Mij in beslag genomen.

Als je alleen maar goed voor de wereld wilt doen en de wereld van zichzelf redden, maak dan je eigen huis op orde. Je kunt heel goed tegen jezelf zeggen dat je welwillend bent en alle mensen moeten weten wat je ergens vandaan hebt gehaald. Je weet in theorie misschien, maar niet in de praktijk. Hoezeer je ook wilt delen, het is niet aan jou om in je eigen propaganda te geloven.

Als je nog steeds denkt dat je een Alles-Weter bent, als je denkt dat je De Weg bent en je bent er zeker van dat je het recht hebt anderen te laten zien hoe ze hun leven moeten leven, denk dan nog eens na, want dit kan arrogantie zijn, Mijn vrienden. Dit kan hoogmoed zijn. Dit kan oogkleppen op hebben zijn. Dit kan zijn één ding zeggen en het andere doen. Bedrieg jezelf niet.

Als je genoeg liefhebt, laat dan je Licht zien. Dat is alles wat je doen moet. Wees het Licht in je eigen familie, waar je werkt, waar je winkelt, bij werkmensen in je huis, bij je buren en allen die je ontmoet – waarlijk wees het Licht en niet slechts een schaduw van Licht – ga dan aan de slag met je boek schrijven om met de mensheid te delen hoe te leven en lief te hebben. Goed, deel je licht, maar raak niet verslaafd aan je licht, oké?

De Grote Spirituele Wezens gingen er niet toe over goede daden te doen. Zij dachten niet over zichzelf als goede daden doen. Ze maakten geen propaganda voor zichzelf. Ze zochten niet naar een soort zelfverheerlijking. Ze zetten zichzelf niet op een voetstuk. Ze voelden zich niet boven iemand anders verheven. Er kwam geen zelfverheerlijking aan te pas.

Ze waren bescheiden mensen. Ze predikten geen vergeving terwijl ze nog steeds een wrok koesterden. Ze predikten geen vrede terwijl ze woede bij zich hielden als een toorts.

Ze verlustigden zich niet in wat ze moesten doen en sloofden zich niet uit voor groot werk dat ze deden of zouden gaan doen. Ze deden gewoon wat het volgende was dat ze in dienstbaarheid aan Mij moesten doen. Ze werkten voor Mij en niet voor zichzelf. Uit zichzelf waren ze niet machtig. Ze wisten voor Wie ze werkten. Ze wisten dat de Schepper en Ondersteuner van de wereld de wereld zou redden. Daarom waren de Groten nederig. 

Begrijp dit, ze waren er niet op uit om de wereld te redden, alleen om hem te dienen naar Mijn Wil.

De Grote Wezens hadden zichzelf en die bende ego’s die hen over wilde nemen al beteugeld.

De aandacht van de Grote Wezens was nooit gericht op al het goede dat ze zouden doen. Ze gaven bijstand omdat ze het in zich hadden om te geven. In feite was het niet hun idee. Het was het Mijne. Het was wat volgde. In zekere zin hadden ze geen keus, want ze waren eenvoudige dienaren die God in de Hemel dienden zoals Hij vroeg om te worden gediend.

De Grote Spirituele Wezens dienden simpelweg nederig in dankbaarheid voor de zegeningen die Ik over hen had uitgestrooid en die ze ontvangen hadden in de diepten van hun hart. Ze zongen dankbaarheid uit.

Vertaald: Luus