De Wet van Een

De Wet van Een is een vaststaande en universele wet. Degene die de Wet van Een begrijpen, realiseren zich dat alles Een is. Dat iets los lijkt te staan van het geheel zal uiteindelijk niets anders blijken te zijn dan een illusie van degene die ervan overtuigd zijn dat de dingen van elkaar gescheiden zijn, waardoor ze lijken te bestaan uit losse fragmenten zonder samenhang.

Kosmisch Bewustzijn geeft het inzicht dat het Universum een geheel is, Wanneer het Universum als Een geheel wordt herkend, kan universele harmonie worden bereikt.

Paul Shockly

woensdag 13 juni 2018

DE ZIELENKONING - een waar gebeurde parabel / Door Patrick van Buyten


In een ver land waar de mensen nog lachen en de kinderen uitgelaten zijn woont een zielenkoning. Hij hoorde dat in Europa de mensen minder en minder lachen. Dat vond hij zo onnatuurlijk dat hij besloot die arme drommels te helpen. Hij dacht dat een grote onderneming nodig zou zijn om zoveel Europeanen te helpen. Daarom zond hij zijn onderdanen naar het oude continent om haar inwoners te bekeren tot de glimlach. Hij noemde zijn onderdanen zielenreizigers en sprak hen toe: ‘Jullie moeten met velen gaan, want in Europa wonen honderden miljoenen mensen. Als we onze stem willen laten horen, moeten we met zeer velen naar daar gaan’. Hij voegde er nog aan toe: ‘We gaan niet als overheersers of soldaten, dat zou te dominant overkomen en wij hebben uit het verleden geleerd dat dergelijke bezoeken van machtigen en rijken heel onaangenaam kunnen zijn. Ga dus als verschoppelingen.’ Om de missie te doen slagen wilde de koning dat de reizigers geschenken zouden meenemen, die de Europeanen kennen en zouden toelaten in zichzelf te kijken. De koning sprak: ‘Neem veel geschenken mee, er zijn er genoeg, we hebben er nog kisten vol van liggen, dus wees er niet zuinig mee. Maar wees er wel voorzichtig mee want ze zijn veel waard. In een ver verleden gaven we immers in ruil bodemschatten, mensen en natuurvruchten.’

Hij had ook nog een waarschuwing: ‘Verwacht niet te dramatisch veel van de geschenken want heel wat Europeanen zijn halfblind, je zult ook hard moeten roepen, want velen zijn bijna doof.’

De zielenreizigers begonnen hun tocht en zwermden uit. De weg was lang en gevaarlijk. Ze trokken langs verschillenden routes door de woestijn. Voor dat stuk van de reis werden gidsen aangetrokken. Maar dat bleken al gauw helse schurken te zijn die de zielenreizigers geld aftroggelden, sloegen, verkrachtten en met het leven bedreigden, ja zelfs vermoordden. In de verwarring verloren moeders hun kinderen, anderen werden als slaven ontvoerd en onder geschreeuw werden gezinnen gescheiden, uit elkaar gerukt als waardeloze dieren. Het werd een wreed verhaal.

Maar de zielenreizigers zetten door om hun missie te volbrengen. Ze moesten en zouden de Europeanen blij, opgewekt en niet langer vervreemd van zichzelf maken. Uiteindelijk bereikten er nog heel wat zielen de zee. In gammele boten, nauwelijks de naam waardig staken ze over en bereikten de kusten van Griekenland, Spanje, Italië en enkele andere landen.

Daar aangekomen wilden de zielenreizigers de Europeanen als verre broeders met de breedste glimlach begroeten en hen de geschenken overhandigen. Maar dat liep fout af. De Europeanen lachten helemaal niet, integendeel, veel werden kwaad, zeer kwaad. Ze sloegen de geschenken verontwaardigd stuk en riepen: ‘Wat een waardeloze rommel is dat, jullie beledigen ons.’ De zielenreizigers werden achter verzegelde hekkens verbannen, ver uit het zicht achter muren vastgezet en in gevangenissen opgesloten. Na uitzichtloos lang wachten belandden duizenden van hen voor een rechter. Op alle processen spraken alle rechters als volgt: ‘Vreemdeling, waarom heb je je niet aangepast aan ons?’ En: ‘Wat heb je in deze tot je verdediging aan te voeren?’ De zielenreizigers waren met verstomming geslagen. Was hun intentie dan niet gezien? Tijdens een merkwaardig proces dat veel aandacht trok antwoordde een van hen: ‘Wij kwamen naar hier omdat jullie niet langer lachen, verzuurd zijn en afgesloten van je zelf, van het diepste binnenin jezelf. Daarom hebben we die geschenken, die duizenden spiegeltjes meegenomen en uitgedeeld om jullie naar jezelf te laten kijken. De spiegeltjes hebben we enkele eeuwen geleden van jullie gekregen als een groot goed. Jullie zeiden toen dat ze heel waardevol waren, dat het dure geschenken waren. Wij willen dat jullie in die spiegeltjes kijken, kijken met je ogen. Die zijn immers de toegang tot de ziel, is het niet? Wij dachten ze moeten terug lachen, terug vrolijk, terug met zichzelf verbonden worden. 

Wij dachten als ze zien dat er zoveel vreemden naar hun continent komen dan zullen ze nadenken over de woorden vreemd, vreemdeling en vervreemding… ze zullen, zo hoopten wij, het verband zien tussen de miljoenen vreemdelingen die in Europa zijn en de vervreemding waaraan miljoenen Europeanen lijden. Dat was ons plan! Wij zijn broeders, één familie, zien jullie dat dan niet. Als het slecht gaat met één van ons, voelen alle anderen dat, zien jullie dat dan niet. 

Wij dachten ze zullen in de spiegeltjes naar zichzelf kijken, naar hun eigen ogen kijken en zo in hun ziel. En ze zullen zich kunnen afvragen: “Wie woont daar, wie woont er in mijn ziel? Wat zie ik daar? Wat voel ik daar? Wie woont in het hart van onze maatschappij, in ieder van ons? Is dat de homo economicus of is er iets meer. Is er daar iets dat feller straalt dan Goud. Misschien iets met één letter minder?”


© Patrick Van Buyten
http://maancirkel.be/