Gods liefde - wat jullie altijd al hebben geweten, dat diep binnenin jullie zelf is - omhult alle levende wezens in Zijn goddelijke omhelzing. Nu zijn jullie op het punt om de realiteit te ervaren van dat meest verfijnde gevoel dat jullie erfenis, jullie goddelijke voorrecht en jullie geboorterecht is. Het is liefdevol voor jullie bereid en in een toestand van absolute perfectie in de zekere wetenschap dat jullie zouden terugkeren om het op te eisen, en dat het klaar zou zijn voor jullie op het afgesproken moment.

SAUL

dinsdag 21 februari 2017

Heavenletter 239 De Portier van de Hemel / Geplaatst 21 februari 2017

De Portier van de Hemel
Brief uit de Hemel
Geplaatst 21 februari 2017


God zei :


Erg weinig wordt er van jou gevraagd. Ik vraag nooit veel. En wat Ik jou ook maar vraag doe Ik op jouw verzoek. Ik breng jou naar Mij, en Ik breng jou zo snel als Ik maar kan. Je bereidheid om met Mij mee te gaan is de toestemming die je Mij geeft om jou te brengen. Hoe meer je naar voren stapt, des te meer ga je vooruit.

Halve maatregelen leiden je de goede kant op, maar soms is er een stap nodig die je moet maken. Soms één kleine stap. Wanneer je op de drempel van Heaven staat, stap je er overheen. Je moet die stap nemen om hem van jou te laten zijn. Het initiatief is aan jou, niet aan Mij.

Je hebt op Mijn deur geklopt, en Ik heb open gedaan. En nu kondig je jezelf bij Mij aan. Je zegt : " Hier ben Ik, God. Ik heb geen idee of ik hier klaar voor ben, maar U zegt van wel, en hier ben ik, dus wat moet ik nu doen ? "

En Ik zeg : " Kom er in. Welkom. Ik heb zitten wachten totdat je op Mijn deur zou kloppen. Ik heb al je berichten ontvangen, en ik heb je vooruit zien gaan, maar nu heb je dan dapper op Mijn deur geklopt. Ik verwachtte je al. Ik stond te wachten bij de deur. En nu ben je dan gekomen. Kom toch binnen, alsjeblieft. Stap over de drempel, en dan ben je binnen."

Jij, die licht bent, stapt lichtjes over de drempel, en je ziet werkelijk voor de eerste keer het licht dat je meebrengt.

Na een poosje, wanneer je wat bijgekomen bent, stel Ik jou één vraag. Het is niet een vraag waar je toegang van af hangt, want je bent al toegelaten. De poorten van Heaven openden zich voor jou, en je bent hier.

Je vraagt je af wat Mijn ene vraag is. Je zegt : " Is Uw ene vraag misschien : Welk pad heb ik genomen ? "

Ik schud van nee met mijn hoofd.

Jij, Mijn kind, zegt : " Ik zou niet weten wat ik daar op moet antwoorden, want ik heb geen flauw idee, lieve Vader, hoe ik hier terecht ben gekomen."

Ik, God, zeg : " Ik heb je hier gebracht. Het was Mijn wil die jou hierheen bracht. "

En dan zeg jij : " Ik vergeet alles, Vader. Ik laat mezelf echt achter. Al mijn illusies kunnen niet door deze deur van Heaven. Het verleden kan niet met mij mee naar binnen. Het verleden gaat voorbij. Het heeft zich teruggetrokken in de verte totdat ik het niet meer kan zien. Het enige dat ik kan zien bent U en het Licht van Heaven. Ik vergeet zelfs dat U een vraag voor Mij heeft, of dat u mij die vraag al gesteld hebt, en of ik antwoord gegeven heb of niet. "

En dan stel Ik Mijn vraag. " Wie heb je meegenomen hier heen ? "

Je kijkt op en dan zie je het. Degenen die je met je meegenomen hebt staan vlakbij de ingang van Heaven.

Ik zeg : " Als je wilt dat zij ook Heaven binnenkomen, doe dan de deur voor hen open. Groet hen in Mijn naam. "

Je wenkt je vrienden. " Kom maar ! ", zeg je.

En ze lopen naar binnen.

En dan zie je opeens Mijn zoon Christus die rijen wachtende zielen wenkt om binnen te komen. Je bent stomverbaasd.

" God, is Christus nog steeds bezig mensen binnen te wenken ? Is hij, na al die jaren nog steeds mensen aan het binnen leiden om U te zien ? "

" Ja, heel veel ", zeg Ik. " Er komen nog steeds mensen aan." En Ik voeg er aan toe : " En jij hebt geen idee van wie er nog allemaal na jou komen. Er zijn er nog steeds die ronddwalen en binnen moeten komen. "

En dan realiseer jij je dat je aan het ronddwalen bent geweest, en nu sta je pal naast Me op een ereplaats omdat je gekomen bent om Mij te helpen met Heaven.

Jij zult, net als Christus, weten dat jij degene bent die allen die na jou komen naar Heaven brengt. Nu vraagt jouw hart, dat nog steeds op Aarde klopt, zich niet langer af wie de portier van Heaven is. Je kloppende hart zal weten dat jij het bent die andere rondzwervende harten naar Mij toe brengt.

vertaald door: ancoterpstra